De Peuter- en Kleutergroep

Combineren peuters en kleuters

Vanaf schooljaar 2018-2019 starten we met de combinatie van peuters en groep 1, zodat peuters en (jonge) kleuters met elkaar les krijgen van een vaste leerkracht, waarbij hulp in de klas aanwezig is om voldoende differentiatie te kunnen bieden. Ons uitgangspunt is om een veilige en uitnodigende leeromgeving te creëren, waardoor deze jonge leerlingen ervoor open staan om zich op hun eigen niveau verder te ontwikkelen. Het leeftijdsverschil tussen de peuters en kleuters heeft vaak een positieve invloed op de (sociale) ontwikkeling van kinderen. Jongere kinderen leren van de oudere kinderen, de oudere kinderen leren veel van het helpen van jongere kinderen. Bovendien leren kinderen in combinatiegroepen over het algemeen erg goed zelfstandig en
geconcentreerd werken, een vaardigheid die in de hogere groepen steeds meer centraal komt te staan. Combinatiegroepen kunnen een groot voordeel bieden voor kinderen die in hun taalontwikkeling wat achterlopen of juist vooruit zijn. Ze kunnen gemakkelijker aanschuiven bij de instructie van het andere deel van de groep. Zwakke leerlingen uit de hoogste groep krijgen meer uitleg en herhaling, terwijl goede leerlingen uit de laagste groep in aanraking komen met meer uitdagende lesstof. Een deel van de les zal dan ook in aparte groepjes worden aangeboden, en een deel van de les wordt klassikaal gegeven, waarbij op basis van behoefte aandacht is voor differentiatie. Bij de ENSiB zijn deze gecombineerde groepen relatief klein, zeker vergeleken bij het aantal kinderen in Nederlandstalig dagonderwijs. Hierdoor kunnen wij ook individueel aan kinderen extra aandacht bieden op hun niveau.

Lesinhoud en methode

Zowel peuters als kleuters leren nog spelenderwijs, maar bij de kleuters komt er meer aan bod dan gezellig spelen. Elke kleuter komt binnen met een eigen persoonlijkheid, die wij respecteren. De ontwikkeling van ieder kind verloopt anders. Dit proberen wij te stimuleren en niet te forceren.

Belangstelling voor verhalen, woorden en letters is van groot belang voor het latere leesproces. Om deze ontwikkeling zo veel mogelijk te stimuleren spelen we met rijmen en verzen, zingen we liedjes, vertellen we verhalen, bekijken we prentenboeken en voorwerpen en laten we de kinderen vertellen tijdens
kringgesprekken. Hierdoor ervaart het kind dat je op verschillende manieren dingen aan anderen duidelijk kunt maken.

Bij de peuters en kleuters worden de lessen op basis van thema’s aangeboden, die gebaseerd zijn op de methoden Puk en Ko en Ik en Ko. Deze twee methoden sluiten op elkaar aan en zijn gericht op de leeftijd van 2.5 tot 6 jaar. De aangeboden taakjes die de taalontwikkeling bevorderen kunnen makkelijk aangepast worden naar het niveau van elk kind. Waar het ene kind de betekenis van een nieuw woord leert, kan het andere bijvoorbeeld al de lettergrepen klappen, of zelfs de beginletter benoemen en het woord associëren met andere woorden uit dezelfde categorie. We werken middels een vaste lesroutine met onderwerpen en
prentenboeken die aansluiten bij de belevingswereld van kinderen. Het spelen is veelal een groepsgebeuren, waarbij sociale vorming, samen spelen en delen voorop staan. De zang- en kringspelletjes zijn daarbij een leuke afwisseling en altijd gericht op taal.

Hierdoor krijgt het kind vertrouwen in de ruimte en de ruimtelijke begrippen zoals voor, achter, naast, tegenover, boven, op en tussen. Tijdsbesef komt ongemerkt aan de orde (soms moet je vlug of langzaam zingen, bepaalde bewegingen tijdens het lied maken). De ontwikkeling van besef voor hoeveelheden en getallen wordt tijdens de vele herhalingsvormen in de liedjes gestimuleerd (bijv: ‘Twee emmertjes water halen’, ‘Op een klein stationnetje’).

Ouderbetrokkenheid en huiswerk

De ontwikkeling van peuters en kleuters verloopt in sprongen. Een kind van deze leeftijd kan soms wekenlang intensief met hetzelfde bezig zijn. Herhaling hoort bij deze leeftijd en zorgt ervoor dat de woordenschat verder wordt uitgebreid. Wij vinden het als school dan ook belangrijk dat ouders zich betrokken opstellen en er thuis door tenminste één Nederlands sprekende ouder actief aan de taalontwikkeling wordt gewerkt. Om de ouders hierbij te helpen wordt er na elke les een e-mail verstuurd. In deze e-mail wordt er een samenvatting gegeven van wat er in de les gedaan is. Er worden aan de kleuters filmpjes, woorden en/of oefeningen aangeboden die in de les besproken zijn en die gerelateerd zijn aan de thema’s die in de lessen worden behandeld. Voor de peuters komt er eenmalig aan het einde van het jaar een rapport waarin op basis van de doorgemaakte ontwikkeling en leeftijd een advies wordt geformuleerd voor het komende lesjaar. Voor groep 1 wordt er door de leerkracht tweemaal per jaar een rapport geschreven waarin de voortgang van de leerling beschreven wordt.

Hoe wordt er aandacht geschonken aan de cultuur van Nederland en België?

Naast de reguliere lessen is er vier keer per jaar een cultuurdag op zondag. Dit zijn door het jaar heen de Kinderboekenweek (oktober), Sinterklaas (december), de Elfstedentocht (maart) en Koningsdag (april) en deze dagen zijn in de schoolkalender in rood aangegeven. Over het algemeen bestaat zo’n dag uit taallessen die 2 uur duren en een cultuurgedeelte dat gemiddeld 3 uur duurt. Deze dagen worden ook voor de woensdagleerlingen bij het totaal aantal geboden lesuren meegeteld.